Daniel Aerntsz van Tetrode, 1460–1494 (leeftijd 34 jaar)
- Naam
- Daniel Aerntsz /van Tetrode/
- Voornamen
- Daniel Aerntsz
- Tussenvoegsel
- van
- Achternaam
- Tetrode
| vader |
1410–1471
Geboren: rond 1410
45
30 Beroep: Schout van wassenaar en Zuidwijk; H.Geestmeester Wassenaar. Overleden: 21 september 1471 — Leiden, Zuid-Holland, Nederland |
|---|---|
| oudere broer |
1450–1487
Geboren: rond 1450
40 Beroep: Bierbrouwer Overleden: 1487 |
|
11 jaar
hijzelf |
1460–1494
Geboren: rond 1460
50 Beroep: Bierbrouwer en kerkmeester van St Pancreaskerk te Leiden. Overleden: 28 mei 1494 |
|
6 jaar
jongere zus |
|
| zus | |
| zus | |
| broer |
–1527
Beroep: Lakenhandelaar, bierbrouwer, schepen van 1475-1476 te Leiden. Veertig-raad te Leiden in 1477. Gasthuismeester van O.L.V Kerk te Leiden. Was kapitein bij Frans van Brederode en hoorde bij de 'Hoeksen'. In zijn testament staat vermeld dat hijeenharnas bezat. Overleden: 20 januari 1527 — Leiden, Zuid-Holland, Nederland |
| oudere broer |
1450–1526
Geboren: rond 1450
40 Overleden: rond 1526 |
|
13 jaar
jongere broer |
1462–1515
Geboren: rond 1462
52 Overleden: na 1515 |
| Geboren | rond 1460
50 |
|---|---|
| Beroep | Bierbrouwer en kerkmeester van St Pancreaskerk te Leiden. |
| Geboorte van een broer | Dirck Arentszn van Tetrode rond 1462 (leeftijd 2 jaar) |
| Geboorte van een zus | Maria Aerntsdr van Tetrode rond 1465 (leeftijd 5 jaar) |
| Overlijden van vader | Aernt Willemsz van Tetrode 21 september 1471 (leeftijd 11 jaar) Adres: Begraven te Leiden Kapittelkerk St.Pancratius. Op 29 oktober 1366 verheft de bisschop van Utrecht, Jan van Virneburg, de kerk tot kapittelkerk. De kanunniken die deel uitmaken van het collegiale kapittel van Sint Pancras, zijn overwegend afkomstig uitvoornamefamilies en veelal van adel. De nieuwe status geeft de aanzet tot plannen voor een grootse kruiskerk, die de Pieterskerk in alle opzichten zal moeten overtreffen. In 1377 start de bouw van een grootse kerk, te beginnen met hetpriesterkoor(1391) en de kooromgang (1415). De eerste fase van het zuidertransept neemt een aanvang met de bouw van de Heilige Kruiskapel (1436). De vermelding van de Onze Lieve Vrouwekapel in een overeenkomst tussen het kapittel en hetkerkmeesterscollegeuit 1448 is de eerste aanwijzing voor de aanleg van het noordertransept. Tussen 1420 en 1436 komen de toegangsportalen tot stand. De zijbeuken worden in de periode 1432 en 1456 verbreed. Het kapittel lijdt regelmatig aangeldgebrek, onder meerals gevolg van tegenvallende inkomsten uit de afzonderlijke prebenden. Geldontwaarding, de afhankelijkheid van de stad Leiden van de wolhandel en de hoge belastingen die oorlogvoerende graven van Holland heffen, eiseneveneens hun tol. Ondanksde voortdurende vertraging gaat het ambitieuze project door. Omstreeks 1500 krijgt het brede transept zijn huidige vorm. Het is met een lengte van 65,70 meter het langste gotische transept in Nederland. Kathedraal. Op voorspraak van Karel de Stoute verleent paus Paulus II op 24 februari 1470 het kapittel van Sint Pancreaticus ‘exemptie’. Daardoor valt het kapittel niet langer onder de rechtsmacht van het bisdom Utrecht, maar onder directgezagvan de paus. Het lot lijkt het kapittel gunstig gezind: omstreeks 1525 hebben de autoriteiten in de Nederlanden plannen om de Sint Pancraskerk tot kathedraal te laten verheffen. Leiden zou bisschopsstad worden en het collegiale kapittel zoutotkathedraalkapittel worden verheven. Zover komt het echter niet. Onrustige tijden zijn in aantocht: binnen het kapittel ontstaan spanningen en de invloed van de Reformatie neemt toe. Aan de bouw van de Sint Pancraskerk komt in 1535 voorgoedeeneinde. Bij de bisschoppelijke herindeling van 1559 gaat de beoogde bisschopszetel uiteindelijk naar de Grote of Sint-Bavokerk in Haarlem. De verlenging en verhoging van het schip, de stenen gewelven, luchtbogen en balustraden worden nietmeervoltooid: het blijft slechts bij de nog steeds zichtbare aanzetten. In de eerste helft van de 16e eeuw is de kerk met veel pracht en praal ingericht. In de kerk bevinden zich 24 altaren, met een prominente plaats aan de noord-oostvieringpijlervoor het aan haar schutspatroon Sint Pancratius gewijde altaar. |
| Overlijden van een broer | Willem Aerntsz "Willem I" van Tetrode 1487 (leeftijd 27 jaar) |
| Gebeurtenis | Zijn tweede zoon, Daniel, was net als Willem een rijke brouwer in Leiden. Hij was kerkmeester van de St Pancraeskerk en had elf kinderen, hoewel op het plaatje, rechts, sprake is van acht. Jan, het derde kind, was actief in de lakenhandel. Hij was ook brouwer, schepen (1475 en 1476), veertigraad in Leiden in 1477 en gasthuismeester van de Onze Lieve Vrouwekerk in 1507. In de zogeheten Jonker Frans oorlog vocht hij als kapiteinaande zijde van Frans (van Brederode). Hij was dus een hoek. Uit zijn testament blijkt dat hij een harnas had. Zijn jongere broer was Willem (van Wassenaar) van Tetrode. Hij leefde van het bezit in Wassenaar en zijn zoon is de eerste vicaris op de vicarie van de heilige Steven in de Onze Lieve Vrouwekerk. |
| Aantal kinderen | 11 |
| Overleden | 28 mei 1494 (leeftijd 34 jaar) |
| Uniek identificatienummer | E76349EF14ED8CB04EB1DD8EB854B214 |
| Laatste wijziging | 11 januari 2012 – 18:39:34 |
| Gebeurtenis | Zijn tweede zoon, Daniel, was net als Willem een rijke brouwer in Leiden. Hij was kerkmeester van de St Pancraeskerk en had elf kinderen, hoewel op het plaatje, rechts, sprake is van acht. Jan, het derde kind, was actief in de lakenhandel. Hij was ook brouwer, schepen (1475 en 1476), veertigraad in Leiden in 1477 en gasthuismeester van de Onze Lieve Vrouwekerk in 1507. In de zogeheten Jonker Frans oorlog vocht hij als kapiteinaande zijde van Frans (van Brederode). Hij was dus een hoek. Uit zijn testament blijkt dat hij een harnas had. Zijn jongere broer was Willem (van Wassenaar) van Tetrode. Hij leefde van het bezit in Wassenaar en zijn zoon is de eerste vicaris op de vicarie van de heilige Steven in de Onze Lieve Vrouwekerk. |
|---|---|